Veel waterinsekten moeten steeds naar de oppervlakte om aan lucht te komen. Om ook nog tijd over te houden voor andere zaken, zoals voedsel zoeken, hebben ze allerlei techniekjes ontwikkeld waarmee ze langer onder water kunnen blijven.
Veel waterkevers en waterwantsen verzamelen als ze aan de oppervlakte komen lucht onder de dekschilden of tussen de haren op hun buik. Die lucht nemen ze zo mee onder water. In een aquarium kun je mooi meten hoe lang een kever of wants het met die lucht onder water uithoudt en welke soorten het langst onder water blijven.
Neem een goed doorzichtige bak (glas of plastic) mee op excursie, of ga eerst kevers vangen en neem die in een potje water mee naar huis of kamp (slecht-weer-variant). Probeer vooral grotere wantsen en kevers te vangen, en liefst ook een aantal verschillende soorten. Kleinere soorten doen soms zo lang met hun lucht dat het te saai wordt; vaak hebben ze andere of aanvullende trucjes om aan voldoende lucht te komen.
Doe de gevangen waterkevers en -wantsen in het aquarium dat ruim gevuld is met water en laat ze even tot rust komen voordat je gaat meten. Doe niet teveel beesten tegelijk in het water, je moet ze wel uit elkaar kunnen blijven houden.
Beschrijf de dieren één voor één. Geef ze bij voorkeur een naam. Dat kan de officiële naam zijn, als je die weet, maar het mag ook een verzonnen naam zijn. Maak bij een verzonnen naam altijd een beschrijving van het dier: een beschrijving die minstens afdoende is om het dier te onderscheiden van de anderen.
Nu kun je per dier gaan kijken hoe lang deze onder water blijft. Gebruik daarvoor een stopwatch of horloge met seconde-aanduiding. Begin een meting altijd bij het aan de oppervlakte komen van het dier en meet net zolang tot het weer aan de oppervlakte is. Meet de tijd per dier liefst meerdere keren (3-5), er kan natuurlijk variatie in zijn. Noteer je waarnemingen en ga door naar het volgende exemplaar.
Waterkevers en waterwantsen zijn moeilijk in het veld te determineren. Als je daar niet veel ervaring mee hebt, moet je dat dus niet tijdens je excursie doen. Ook met een eigen beschrijving kun je dieren heel goed uit elkaar houden. Zeker als je op kamp bent en je hebt daar een binoculair is het natuurlijk wel de moeite waard om de dieren mee te nemen en in de avonduren alsnog te determineren en de echte naam er bij te zoeken. (Binoculair: microscoop waar je met beide ogen doorheen kijkt, die 20-60 maal vergroot.)
Een aquarium op kamp is altijd leuk. Wil je de dieren wat langer houden, dan zul je er voor moeten zorgen dat er voldoende zuurstof is en ze zich ergens aan vast kunnen houden. Wat waterplanten helpt voor beide.